Tips belastingaangifte 2016Het is weer zover. De belastingaangifte moet binnenkort de deur uit. Als je er ook zo tegenop ziet, hebben wij een aantal handige tips!

1. Houd de aangiftemelding in de gaten

De Belastingdienst verstuurt de aangiftebrief in januari en februari. Heb je geen aangiftebrief ontvangen? Juich maar niet te hard, het kan goed zijn dat je de melding digitaal hebt ontvangen op mijn.overheid.nl. Mocht je toch niet zeker weten of je aangifte moet doen, dan is dat makkelijk te controleren.

2. Doe op tijd aangifte 

Vroege vogels kunnen vanaf 1 maart aangifte doen; dan is het digitale aangifteformulier namelijk beschikbaar. Als je voor 1 april aangifte doet, ontvang je voor 1 juli 2017 bericht van de Belastingdienst. Net als vorig jaar moet je aangifte over 2016 vóór 1 mei 2017 binnen zijn. Mocht dit echt niet lukken, vraag dan vóór de deadline op 1 mei uitstel aan tot 1 september 2017.

3. Leg alle documenten klaar

Als je eenmaal bezig bent, is het vervelend om nog op zoek te moeten gaan naar documenten. Leg daarom alle documenten bij elkaar voordat je begint. Om aangifte te doen heb je als eerst je DigiD-code nodig om in te loggen. Als je een fiscale partner hebt, vul dan samen de aangifte in. Je partner zal tijdens het invullen ook moeten inloggen met de DigiD.

4. Check de gegevens die de Belastingdienst al heeft ingevuld

De Belastingdienst vult het digitale aangifteformulier al voor een groot deel in. Check zelf goed of alles klopt en vul de ontbrekende informatie aan. De Belastingdienst wil weleens verkeerde informatie invullen of bepaalde zaken weglaten. Het zal je maar gebeuren dat je te veel belasting betaalt of een navorderingsaanslag ontvangt. Heb je toch een fout gemaakt, dan kun je de aangifte aanpassen en opnieuw versturen. De fiscus behandelt de laatst binnengekomen aangifte.

5. Bepaal wie je fiscale partner is

Je hebt een partner en jullie willen samen belastingaangifte doen. Controleer eerst of je fiscale partners bent. Het kan zijn dat je maar een deel van het jaar een fiscale partner hebt gehad. Je kunt er dan voor kiezen om het hele jaar als fiscale partners te worden beschouwd. Dan vul je de aangifte anders in en heeft dit gevolgen voor de belasting die je moet betalen of terugkrijgt.

6. Verdeel de aftrekposten

Als jij en je partner onder verschillende belastingtarieven vallen, kan het in jullie voordeel werken om te schuiven met aftrekposten. Die leveren meer op naarmate je meer belasting betaalt. Het is voordeliger om deze aftrekposten toe te kennen aan de partner die in het hoogste belastingtarief valt.
Het schuiven met aftrekposten – zoals alimentatie, studiekosten en giften –  is eenvoudig uit te proberen via het aangifteprogramma. Test via het scherm ‘verdelen’ uit op welke manier je zo voordelig mogelijk uitkomt. Probeer verschillende verdelingen voordat je deze definitief maakt. Vul de aangifte samen in om makkelijk te berekenen welke verdeling het meest lucratief is.

7. Ga slim om met dubbele woonlasten

Als je bent verhuisd terwijl je oude woning nog niet is verkocht, heb je dubbele woonlasten. In dit geval mag je de hypotheekrente van je oude woning aftrekken tot maximaal 3 kalenderjaren na de verhuizing. Dit is echter niet van toepassing als je de woning verhuurt. In dat geval is de rente tijdens de gehele verhuurperiode niet aftrekbaar. Geef de verhuurde woning op bij je bezittingen in box 3. Geef de hypotheek dan op bij jouw schulden in box 3. Voor meer informatie over dubbele woonlasten, kun je terecht op de website van de Belastingdienst.

8. Geef de rente van je restschuld op

Het kan ook zijn dat je woning is verkocht voor een prijs die lager is dan je openstaande hypotheekbedrag. In dat geval heb je een restschuld. Als je het huis na 28 oktober 2012 hebt verkocht, mag je maximaal 15 jaar na de verkoopdatum de betaalde rente aftrekken.

9. Maak gebruik van de middelingsregeling bij een wisselend inkomen

Als je het ene jaar meer verdiend hebt dan het jaar ervoor, kan het zijn dat je te veel belasting betaalt. Je kunt dan in aanmerking komen voor de middelingsregeling. Met middeling wordt je gemiddelde inkomen over drie aaneengesloten kalenderjaren berekend. De Belastingdienst wijst je hier niet op, dit zal je zelf moeten controleren en indienen. Je moet zelf een schriftelijk middelingsverzoek – inclusief berekening – indienen bij de Belastingdienst om in aanmerking te komen voor deze belastingteruggave. Wacht niet te lang als je gebruik wilt maken van deze regeling. Je moet het verzoek namelijk binnen 36 maanden bij de Belasting indienen, nadat de aanslagen van je middelingsjaren definitief zijn.

10. Controleer of je genoeg aan goede doelen hebt gegeven voor een aftrekpost

Giften zijn aftrekbaar voor zover je meer aftrekt dan één procent van je inkomen, waarbij de drempel minimaal 60 euro is. Deze drempel geldt niet als je een periodieke gift doet, waar bepaalde voorwaarden aan verbonden zijn. Het goede doel moet een ANBI-status hebben. Giften aan culturele ANBI’s kun je ophogen met 25 procent, tot een maximum van 1250 euro.